Hess Orgel - wetenswaardigheden

Hess-orgel Clerambault 2017-03-11

Het orgel, in de Oudshoornse kerk is opgeleverd in 1783 door de gebroeders Hess uit Gouda en ondanks de kennelijk onvermijdbare mishandelingen in latere stijlperioden, verkeert het orgel in goede staat en beschikt het voor een groot deel over de originele registers.

Bij de eerste oplevering

had het orgel geen voetklavier of pedaal. Dat is pas 100 jaar later toegevoegd, samen met de registers daarvoor. Voor het bespelen van het orgel geldt dat het in ergonomisch opzicht wat hindernissen kent. De pedaaltoetsen zijn smal en liggen vrij dicht bij elkaar, hetgeen voor organisten met grote schoenen het risico oplevert ongewild meerdere tonen tegelijk te laten horen.

De manualen zitten ten opzichte van het pedaal ook niet echt op een handige plek, waarbij het mechaniek ook nog wat bijgeluiden produceert. Kortom, een uitdaging om er goed op te spelen. Maar, de beloning is grandioos. De klank van het orgel, het resultaat van een rijke schakering aan verschillende registers die elk van bijzondere schoonheid zijn, dat alles is iets waar de kenners het over eens zijn: ongelooflijk prachtig! Renaissance-, barok- en vroeg-romantische muziek komen zeer goed tot hun recht op dit instrument.

De stemming van het orgel is ‘aan de hoge kant’. De A is internationaal gestandaardiseerd op 440Hz, maar de A van het Hess-orgel staat op 445Hz. Instrumentalisten die hun instrument afstemmen op het orgel hebben daarbij soms ‘maatwerk’nodig. Niet altijd even praktisch natuurlijk, maar als het echt zou moeten om de A van het orgel naar 440Hz te brengen, zouden alle pijpen ietsje langer moeten worden gemaakt. En dat is niet iets dat tot de haalbare plannen behoort!

De oorspronkelijke dispositie van het orgel was als volgt:

Hoofdwerk (C – f’’)

Bovenwerk (C – f’’)

Prestant 8’

Roerfluit 8’

Bourdon 16’

Gemshoorn 4’

Holpijp 8’

Quintfluit 3’

Octaaf 4’

Prestant 2'

Quintprestant 3’

Carillon 2 sterk

Superoctaaf 2’

Sesquialter 2 sterk

Flageolet 1’

 

Mixtuur 3 – sterk, gehalveerd

 

Cornet 6 sterk, discant

 

Trompet 8’, gehalveerd

 

 

 

Aangehangen pedaal, gehalveerde drukkoppeling Hoofdwerk aan Bovenwerk, Tremulant, Ventiel en drie blaasbalgen acht bij vijf voet.

In 1805 is het orgel gerepareerd door J. P. Schmidt uit Gouda. In 1825 zijn uitgebreide herstelwerkzaamheden verricht door Abraham Meere uit Utrecht, die zich tevens verplichte het orgel ‘na de tegenwoordige nieuw stemmig zuiver Harmonisch’ te stemmen. In 1849 hebben de gebroeders H.B. en G.W. Lohman het orgel schoongemaakt en in 1857 is het orgel opnieuw geschilderd.

In 1867 hebben de gebroeders Knipscheer uitgebreide werkzaamheden uitgevoerd. Daarbij werden diverse registers gewijzigd en vervangen, onder andere werd een Viola da Gamba 8’geplaatst. Ook de blaasbalgen werden vervangen ‘door een windtoestel met 2 pompen en een reservoir’. In 1898 is de windvoorziening gerepareerd door de firma Bätz – Witte uit Utrecht. In 1912 is uitgebreid aan het orgel gewerkt door de firma Gabry uit Gouda. Vermoedelijk is bij die gelegenheid de Vox Humana 8’ op het hoofdwerk aangebracht.

Tevens werd in het bovenwerk een zwelkast geplaatst en werd de Quintfluit op het bovenwerk vervangen door een Vox Celeste 8’. In 1914 bracht Gabry nieuwe registerknoppen aan, in 1928 voerde de firma Van Dam herstelwerkzaamheden uit en in 1937 plaatste de firma Gabry een nieuwe tremulant. Niet bekend is wanneer de oorspronkelijke drukkoppeling aan het hoofdwerk is vervangen door een trekkoppeling van bovenwerk aan hoofdwerk.

Het zou in 1825 reeds door Meere kunnen zijn uitgevoerd, maar dat is niet gedocumenteerd. In 1976 is het orgel integraal gerestaureerd door Flentrop Orgelbouw. De dispositie werd daarbij grotendeels hersteld, waarbij de Vox Humana 8’ werd gehandhaafd en de Carillon niet gereconstrueerd. Het orgel werd uitgebreid met een zelfstandig pedaal met 4 registers.

De dispositie is sindsdien als volgt:

Hoofdwerk (C – f’’)                              Bovenwerk (C – f’’)             Pedaal

Prestant 8’                                         Roerfluit 8’                         Bourdon 16’

Bourdon 16’                                       Gemshoorn 4’                     Prestant 8’

Holpijp 8’                                           Quintfluit 3’                        Octaaf 4’

Octaaf 4’                                           Prestant 2’                         Fagot 16’

Quintprestant 3’                                 Sesquialter 2 sterk

Superoctaaf 2’                                   Vox Humana 8’

Flageolet 1’

Mixtuur 3 – sterk, gehalveerd

Cornet 6 sterk, discant

Trompet 8’, gehalveerd

Gehalveerde koppeling Bovenwerk aan Hoofdwerk

Koppeling Hoofdwerk aan Pedaal

Tremulant en Ventiel

 

Magazijnbalg met 2 schepbalgen (1867)

Toonhoogte 445 Hz bij 20 graden celsius

Winddruk 72mm

 

In 1995 heeft Flentrop enkele verzakte voeten van de Prestant 8’ van het pedaal hersteld. In 1999 is groot onderhoud uigevoerd door Henk van Eeken, orgelmaker           te Herwijnen, waarbij onder meer de pijproosters van het hoofdwerk zijn hersteld en de grootste pijpen van de Octaaf 4’ met rugstukken zijn versterkt.

In 2000 is corrosie van de koppen van de Vox Humana weggenomen en is de aanspraak van de Trompet 8’ technisch gecorrigeerd. In 2010 is door Van Eeken een nieuwe Fagot 16’ geplaatst ter vervanging van de Fagot uit 1975.

De klank van het orgel wordt algemeen gewaardeerd en omschreven als ‘zilverachtig’ en karakteristiek voor de late barok- en de daarop volgende galante stijlperiode.